• Les 22

        -  

         I lúme eldaron

    De elfse tijd


    1 –        

    Nó ean Tiriondesse, cáman haime i lúmeo eldaron.

    Sinds ik in Tirion ben, ben ik aan het wennen aan (krijg ik de gewoonte van) de elfse tijd.

    2 –        

    Mintya nin ita táre engen Ondonóresse, mine nildonyaron

    Ik herinner me dat toen ik in Gondor was, één van mijn vrienden

    3 –          

    ya tulle Tiriondello, quente nin: i eldar samir nulle lúmi.

    die uit Tirion kwam, tegen me zei: De elfen hebben mysterieuze uren.

    4 –         

    Táre engen nórentasse, yestanente aurenta lúmesse mine i árasse.

    Toen ik in hun land was, begonnen ze hun dag om één uur ‘s morgens.

    5 –           

    Lendente curwentannar lúmesse atta ar entullente mardenna lúmesse otso ar perta.

    Ze gingen naar hun vaardigheden om twee uur en kwamen terug naar huis om zeven en een half.

    6 –         

    Lúmesse ma mantel endauresse? Lúmesse ma mantel as verilya?

    Om hoe laat at ge ’s middags? Om hoe laat at ge met uw vrouw (echtgenote)?

    7 –       

    Mantelme lúmessen eldaron, sië lúmesse nerte endauresse.

    Wij aten op de elfse uren, dus om negen uur in de namiddag.

    8 –           

    Ento apa i mat i eldar lender sambentannar tenna lúme yunque.

    Vervolgens na de maaltijd gingen de elfen naar hun kamers tot twaalf uur.

    9 –             

    Apa i endaure i mancali latyaner lúmesse minque ar pahtaner lúmesse atta lómio.

    Na de middag openden de winkels om elf uur en ze sloten om twee uur van de nacht.

    10 –              

    Mal i anurda nin né ita manter i eldar sinyesse en lúmesse canta lómio

    Maar het lastigste voor mij was dat de elfen ’s avonds pas om vier uur van de nacht aten

    11 –      

    ar rimbave etya imbe i laicolasse.

    en dikwijls buiten tussen het groen.

     

    Opmerkingen:

    • Het voegwoord  táre betekent letterlijk "op die dag" dus met een verleden tijd "toen".
    • Zoals we reeds een aantal maal zagen worden de uren gemeten vanaf zonsopgang. We moeten dus 6 uur bijtellen om de tijd in onze uren te vinden. De uren na onze 6u ’s avonds behoren tot de nacht.
    • Let op het verschil tussen  mar "huis, woonst" en  car "huis, gebouw".
    • - mintya- is een voorbeeld van een onpersoonlijk werkwoord, we zullen er nog verschillende tegenkomen. Deze werkwoorden hebben als speciaal kenmerk dat ze geen uitgangen krijgen en dat het onderwerp in de datief staat:  mintya len "gij herinnert u",   mintya men "wij herinneren ons", … In les 19 zijn we ook al het onpersoonlijke werkwoord - marta- tegengekomen, het verschil is wel dat dit werkwoord ook in het Nederlands onpersoonlijk is:   marta sen "aan hem gebeurt, hem overkomt".
    •  laicolasse is geen locatief maar een samenstelling van  laica "groen" en  lasse "blad".


    Vanaf deze les beginnen we met een inleiding tot de verleden tijd. In deze tijd zijn er veel onregelmatigheden, maar meestal herkennen we hem aan de –– -ne- tussen de stam en de uitgang:  yesta-ne-n "ik begon". De uitgangen zijn wel dezelfde als die van de continuatief en de aorist.

    - "beginnen": , , , , , , , , , 
    yesta-: yestanen, yestanel, yestanes, yestanelve, yestanelme, yestanemme, yestanelde, yestanente, yestane, yestaner


    We zullen ook telkens de bijzondere verleden tijden vermelden en in week 6 zullen we duidelijkheid brengen in deze onregelmatigheden. In de volgende lessen is het voornaamste dat ge een verleden tijd leert herkennen.

       ea                         enge                     zijn

                             né                        zijn

    -  tul-                     tulle                     komen

    -  lelya-                  lende                   gaan

    - mat-                   mante                 eten


    Belangrijke woorden:

      mar, mardi, huis, huizen.

  • Les 22 oefening

    

    1.  

    2.     

    3.    

    4.   

    5.    

    6.   

    7.    

    8.     


    1. Lúme ma nas?

    2. Nas lúme yunque ar perta.

    3. Lúmesse ma matil endauresse?

    4. Matin lúmesse tolto.

    5. Lúmesse ma mantel Ondonóresse?

    6. Mantelme lúmesse otso.

    7. Lúmesse quain engen mardesse.

    8. Sinyesse lendelme i osto endenna.


    1. Hoe laat is het?

    2. Het is halfeen (twaalf en half).

    3. Om hoe laat eet ge ’s middags?

    4. Ik eet om acht uur.

    5. Om hoe laat at ge in Gondor?

    6. Wij aten om zeven uur.

    7. Om tien uur was ik thuis.

    8. ’s Avonds gingen we naar het stadscentrum.


    les 22.png

  • Les 23

        -  

          Marta acca pince laliën

    Er gebeurt te weinig om te lachen

     

    1 –   

    Manen láleal, Tuor?

    Waarom lacht ge, Tuor?

    2 –        

    Mintya nin ré yana yasse engen nildonyas Sindanórello

    Ik herinner me die dag waarop ik bij mijn vriend (afkomstig) uit het Grijze Land was

    3 –      

    ar vantanemme ter i maller endeo.

    en we door de straten van het centrum wandelden.

    4 –     

    Anes fauca ar anen maita.

    Hij had dorst (was dorstig) en ik had honger (was hongerig).

    5 –           

    Tunceryan suhtacardenna ar cítan ita milyanes ve ni mára, ringa yuldanna.

    Hij trok mij naar een café en ik veronderstel dat hij net als ik naar een goed, koud bier verlangde.

    6 –    

    Ma anel tambe fauca?

    Waart ge zo dorstig?

    7 –     

    Lai ole, né rúcima Anar.

    Heel erg (veel), de zon was verschrikkelijk.

    8 –           

    I suhtacardesse tengemme olya nirmenen i núron i yulda ya mernemme.

    In het café wezen wij met veel nadruk (wilskracht) de kelner het bier dat we wilden.

    9 –            

    Mal i erya hilyale né ita ilye i eldar yar ner tanome,

    Maar het enige gevolg was dat alle elfen die daar waren,

    10 –      

    lai ole lander táre met hlassente.

    erg veel lachten toen ze ons hoorden.

    11 –        

    Sanan ita maquentelde nulle natti ma hequa yulda.

    Ik bedenk welke rare dingen jullie vroegen in plaats van bier.

    12 –        

    Inye yando. Yallume, apa canasta suncemme sendave yuldamma.

    Ik ook. Tenslotte, na een kwartier dronken we tevreden ons bier.

    13 –      

    Melda Tuor, nai lelyangwe sí suhtacardenna,

    Beste Tuor, laat ons nu naar een café gaan,

    14 –        

    an merin lala ar marta acca pince laliën.

    want ik wil lachen en er gebeurt te weinig om te lachen.

     

    Opmerkingen:

    • Het woordje  yana is een aanwijzend voornaamwoord dat naar het verleden verwijst; net zoals  sina komt het altijd na het substantief. Het is soms moeilijk in het Nederlands te vertalen, letterlijk betekent   ré yana "die toenmalige dag, toen die dag" maar meestal vertalen we het gewoon door "die dag".
    • Het woordje  yasse is de locatief van ya, we vertalen het door "waarop" of "waarin".
    • Het woord  wijst op een dag van 24 uur of een etmaal,  aure enkel op de periode dat het licht is.
    • Er zijn twee woorden voor "veel":  rimba en  olya.
      •  olya gebruikt ge voor niet-telbare dingen:   olya melme "veel liefde". Het bijwoord van  olya is  ole:   landes ole "hij lachte veel".
      •  rimba gebruiken we als “veel” wel over iets telbaars gaat:   rimbe rér "vele dagen". We komen  rimba daarom ook meestal als  rimbe in het meervoud tegen. Het bijwoord is  rimbave "dikwijls".
    • Het woordje  nilda "beste" gebruikt ge enkel als aanspreektitel voor een vriend.
    • De verleden tijd van  is  zoals we gezien hebben in vorige les. In het meervoud wordt de klinker kort  ner "waren", net zoals in de tegenwoordige tijd  nar "zijn". De vormen van de andere personen krijgen echter een voorvoegsel - a-, we vinden dus  anen "ik was",  anel "gij waart",  anelme "wij waren", enz.
    • Het persoonlijk voornaamwoord  met is de duale eerste persoon meervoud en betekent dus "ons beiden".

    Bijzondere verleden tijden:

    - tuc-                        tunce                       trekken

    - ten-                       tenge                      wijzen

    - lala-                      lande                       lachen

    - maquet-               maquente              vragen

    - suc-                        sunce                      drinken

    - hlar-                      hlasse                     horen